Wat is de DSCR en hoe gebruiken Nederlandse banken hem?
De Debt Service Coverage Ratio (DSCR), in het Nederlands ook wel rente-aflossingsdekkingsratio of dekkingsratio kasstroom genoemd, meet of een vastgoedobject of onderneming voldoende operationele kasstroom genereert om de jaarlijkse rente- en aflossingsverplichtingen (de schuldendienst) te dragen. De formule is eenvoudig: DSCR = Netto Bedrijfsresultaat (NBI) gedeeld door de totale jaarlijkse schuldendienst. Een DSCR van 1,25 betekent dat de kasstroom 25% hoger ligt dan wat strikt nodig is voor rente en aflossing.
Bij Nederlandse banken zoals Rabobank, ABN AMRO en ING is de DSCR het belangrijkste kengetal voor commercieel vastgoed (CRE) en zakelijke kredieten boven circa € 250.000. De norm bij gestabiliseerd commercieel vastgoed ligt vrijwel standaard op een minimum DSCR van 1,25; voor risicovollere objecten (logistiek met enkele huurder, hotels, retail in B-locaties) hanteren kredietcommissies vaak 1,35 of zelfs 1,50. BNG Bank en Nederlandse Waterschapsbank, die voornamelijk aan gemeenten, woningcorporaties en publieke instellingen lenen, kijken meer naar het schuldquote en de garantstelling, maar gebruiken DSCR-achtige kasstroomtoetsen als aanvullende borging.
Netto Bedrijfsresultaat (NBI) berekenen volgens Nederlandse praktijk
Het NBI is de bruto huur- of bedrijfsopbrengst minus alle operationele kosten, maar vóór rente, aflossing, vennootschapsbelasting en afschrijvingen. Voor commercieel vastgoed betekent dit: bruto huurinkomsten minus leegstand en debiteurenverlies, minus de zogenaamde "non-recoverables" (eigenaarsdeel onroerendezaakbelasting, verzekeringen, dakonderhoud en cascolasten, beheervergoeding, reservering groot onderhoud).
Specifiek voor Nederland tellen huurinkomsten op basis van het ROZ-model huurcontract (Raad voor Onroerende Zaken) volledig mee, maar moet rekening worden gehouden met huurprijsbescherming voor woningen onder de liberalisatiegrens (€ 879,66 in 2024 volgens het puntenstelsel WWS) en met de Wet betaalbare huur die per 1 juli 2024 het middensegment regulerde. Voor kantoren en logistiek hanteren taxateurs IPD/MSCI Netherlands-benchmarks voor marktconforme operationele kosten van 8–15% van de bruto huur.
Belangrijk: NBI is geen IFRS- of fiscale grootheid. Banken normaliseren de cijfers — ze halen incidentele baten eruit, voegen marktconforme beheerkosten toe als de eigenaar zelf beheert, en passen vacancy aan naar het structurele marktgemiddelde (CBS- en JLL/Cushman & Wakefield-data) in plaats van naar de huidige bezetting.
DSCR-drempels per leningtype bij Nederlandse geldverstrekkers
| Leningtype | Minimum DSCR | Voorkeur DSCR | Opmerkingen |
|---|
| CRE gestabiliseerd (Rabo/ABN/ING) | 1,25 | 1,35+ | Kantoor, retail, logistiek met meerdere huurders |
| Woningbeleggingen (buy-to-let) | 1,15-1,20 | 1,30+ | Hypotheekverstrekkers zoals NIBC, Dynamic Credit |
| Bedrijfsovername / leveraged finance | 1,20-1,30 | 1,50+ | Toegepast met covenants door zakelijke afdeling |
| Projectontwikkeling/bouwfinanciering | 1,25 | 1,50+ | Berekend op gestabiliseerde pro-forma na oplevering |
| BNG/NWB publieke sector | n.v.t.* | n.v.t.* | Beoordeling primair op garantstelling Rijk/WSW |
Gevoeligheidsanalyse: wat doet een rentestijging met de DSCR?
Sinds de ECB de beleidsrente verhoogde van −0,5% (juli 2022) naar 4,0% (september 2023), is een gevoeligheidsanalyse op de DSCR essentieel. Veel Nederlandse vastgoedleningen liepen tegen herfinanciering aan op rentes van 4,5–6,0% terwijl ze oorspronkelijk waren afgesloten op 1,5–2,5%. Een gevoeligheidsanalyse berekent de DSCR opnieuw bij verschillende rentescenario's en geeft de "break-even rente" waarbij DSCR onder de 1,25 zakt.
Praktijkvoorbeeld: een kantoorpand met € 200.000 NBI en € 3 miljoen lening op 2,5% rente (30 jaar annuïtair) heeft circa € 142.000 schuldendienst en DSCR van 1,41. Bij herfinanciering op 5,0% loopt de schuldendienst op naar € 193.000 en zakt de DSCR naar 1,04 — covenantbreach. Banken eisen daarom bij nieuwe financieringen vaak een DSCR-stress test op +200 basispunten en stellen renteafdekking via swap of cap verplicht.
DSCR verbeteren in de Nederlandse context
📈NBI verhogen
Huren indexeren conform CBS-indexcijfer (CPI alle huishoudens) zoals contractueel toegestaan, leegstand verminderen, beheerkosten en energielasten drukken (energielabel-upgrade verlaagt ook risicopremie van de bank).
💰Eigen inbreng vergroten
Lagere loan-to-value (LTV) verlaagt de lening en daarmee de schuldendienst. Nederlandse banken hanteren typisch maximaal 60–65% LTV voor CRE; meer eigen inbreng tilt zowel DSCR als LTV in het gunstige veld.
📅Aflossingstermijn verlengen
Een aflossingsschema van 25 in plaats van 20 jaar verlaagt de jaarlijkse schuldendienst met circa 15% en verbetert DSCR direct, mits de bank dat accepteert binnen de economische levensduur van het pand.
🔒Renterisico afdekken
Met een rentecap of IRS (interest rate swap) leg je de rente vast voor 5–10 jaar; dit stabiliseert de DSCR-projectie waar de kredietcommissie naar kijkt en is bij Rabobank/ABN/ING vaak voorwaarde voor goedkeuring.