Wat is in Nederland een goede current ratio voor het MKB?
Voor het Nederlandse MKB wordt een current ratio tussen 1,2 en 2,0 doorgaans als gezond beschouwd. Banken als Rabobank en ABN AMRO hanteren bij MKB-financiering vaak een minimum van 1,2 als convenant, terwijl 1,5 of hoger comfortabel is. De ‘ideale’ waarde verschilt per branche: een Nederlandse retailer met snelle voorraadrotatie kan goed functioneren rond 1,2, terwijl een productiebedrijf vaak 1,5–2,0 nodig heeft. Vergelijk altijd met branchegemiddelden uit bijvoorbeeld de KvK-sectorpublicaties en met de eigen historische trend.
Wat is het verschil tussen de current ratio en de quick ratio?
De quick ratio (acid-test ratio) trekt de voorraad af van de vlottende activa voordat door de kortlopende schulden wordt gedeeld: (Vlottende Activa−Voorraad)/Kortlopende Schulden. De ratio is conservatiever omdat voorraad lastig snel te liquideren kan zijn, en het is doorgaans de juiste maatstaf voor seizoensbedrijven, retail en productie. Heeft een onderneming nauwelijks voorraad — bijvoorbeeld zakelijke dienstverlening of SaaS — dan liggen current en quick ratio dicht bij elkaar. Het verschil tussen beide vertelt vaak het werkelijke liquiditeitsverhaal.
Hoe worden vlottende activa en kortlopende schulden gepresenteerd onder Boek 2 Titel 9 BW en RJ?
Onder Boek 2 Titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (RJ) presenteert een Nederlandse rechtspersoon de balans met een duidelijke scheiding tussen vaste en vlottende activa, en tussen langlopende en kortlopende schulden. Vlottende activa omvatten voorraden, vorderingen (debiteuren, overige vorderingen, overlopende activa), effecten en liquide middelen. Kortlopende schulden — verplichtingen met een resterende looptijd korter dan een jaar — omvatten onder meer crediteuren, schulden aan kredietinstellingen (rekening-courant en aflossingsverplichtingen), belastingen en premies sociale verzekeringen, en overlopende passiva. RJ 240 (eigen vermogen en passiva) en RJ 220 (voorraden) bieden de detailrichtlijnen voor classificatie en waardering.
Waar vind ik de balans van een Nederlandse onderneming?
Vennootschappen (BV, NV) zijn op grond van Boek 2 Titel 9 BW verplicht om jaarlijks de jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel. Daarmee is de balans (waarop ‘Totaal vlottende activa’ en ‘Totaal kortlopende schulden’ als subtotalen staan) openbaar opvraagbaar via het KvK-Handelsregister. De depositoplicht en deponeringstermijn (uiterlijk acht dagen na vaststelling, doorgaans binnen twaalf maanden na boekjaareinde) variëren op basis van de bedrijfsgrootteklasse — micro, klein, middelgroot of groot. Voor beursgenoteerde fondsen vind je het jaarverslag op de eigen website en via de AFM-registers.
Welke current ratio willen Rabobank en ABN AMRO zien bij MKB-financiering?
Nederlandse banken communiceren geen vaste drempel, maar in MKB-financieringsdossiers — rekening-courantkrediet, investeringskrediet en werkkapitaalfinanciering — hanteren zij in de praktijk vaak een minimumconvenant van 1,2 op de current ratio, soms 1,5 voor productie. De Rabobank en ABN AMRO toetsen daarnaast op debt service coverage ratio, solvabiliteit en de quick ratio. Een blijvend dalende current ratio is een trigger voor een gesprek met de accountmanager Zakelijk, óók als de absolute waarde nog boven het convenant ligt.
Hoe werkt de BMKB-borgstelling en hoe past de current ratio in de beoordeling?
De Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) is een door RVO uitgevoerde regeling waarbij de Nederlandse Staat een deel van het kredietrisico op MKB-leningen voor zijn rekening neemt, zodat banken ondernemingen met onvoldoende zekerheden tóch kunnen financieren. De huisbank dient de aanvraag in en beoordeelt de continuïteit van de onderneming, waaronder de korte-termijn-liquiditeit. Een current ratio rond of boven 1,5, een gezonde quick ratio en een positief werkkapitaal versterken de onderbouwing. De BMKB richt zich primair op het Nederlandse MKB volgens de EU-definitie (minder dan 250 fte en omzet onder de drempel) en wordt typisch ingezet bij start, overname en groei.
Wat als mijn current ratio onder 1,0 ligt?
Dat betekent dat de kortlopende schulden de vlottende activa overtreffen — je kunt niet alle verplichtingen binnen 12 maanden voldoen uit de kortetermijnmiddelen alleen. Dat is niet altijd hetzelfde als insolventie (denk aan operationele kasstroom of een ongebruikte kredietruimte), maar het is een waarschuwingssignaal. Banken behandelen ratio’s onder 1,0 als een convenantsignaal en initiëren doorgaans een werkkapitaalbespreking; voor de Belastingdienst kan een tijdelijke betalingsregeling voor btw en loonheffing onderdeel zijn van een herstelplan.
Bevat de current ratio langlopende schulden?
Nee — alleen het deel van langlopende leningen dat binnen de komende 12 maanden vervalt — het kortlopend deel van langlopende schulden — hoort bij de kortlopende schulden. Het resterende langlopende saldo staat onder langlopende schulden op de balans en valt buiten de ratio. Onder Boek 2 Titel 9 BW en de RJ moet deze splitsing zichtbaar zijn op de balans of in de toelichting, zodat een externe lezer (zoals een bank of de Belastingdienst) het kortlopende deel kan herkennen.
Hoe vaak moet ik de current ratio berekenen?
Eén keer per verslagperiode — maandelijks voor actieve sturing, per kwartaal voor rapportage aan bank of investeerders, jaarlijks als minimum. Veel Nederlandse MKB-ondernemingen rapporteren maandelijks aan hun accountmanager Zakelijk via tussentijdse cijfers uit het boekhoudpakket; bij gepubliceerde tussentijdse cijfers van beursgenoteerde fondsen geldt minimaal halfjaarlijks. Het kengetal krijgt pas betekenis in trend en in context van branchegenoten, dus bouw een meerjarige reeks op in plaats van te vertrouwen op één enkele meting.
Is de current ratio bruikbaar voor dienstverleners zonder voorraad?
Ja. Voor een dienstverlener — denk aan IT-consultancy, juristen of accountants — liggen current en quick ratio dicht bij elkaar omdat de voorraad bijna nul is. De ratio meet dan vooral de verhouding tussen liquide middelen, debiteuren en kortlopende schulden, en dat is precies wat van belang is voor de liquiditeit van een dienstverleningsbedrijf. Let in deze branche extra op de ouderdomsanalyse van debiteuren — een hoge current ratio met veel late vorderingen is misleidend.
Waarom kunnen twee bedrijven met dezelfde current ratio een verschillende liquiditeit hebben?
Samenstelling is bepalend. De € 500K vlottende activa van de ene onderneming kan voor 80% uit liquide middelen bestaan; bij de andere onderneming kan 60% oude debiteuren zijn. Dezelfde ratio, totaal verschillende betaalkracht. Combineer het kengetal daarom altijd met een blik op de ouderdomsanalyse van debiteuren, voorraadrotatie en de cash conversion cycle — die context is precies wat een accountmanager Zakelijk of een DNB-toezichthouder in de eigen analyse meeneemt.
Hoe verbeter ik mijn current ratio in de praktijk?
Verhoog de vlottende activa (debiteuren sneller innen via factuurfinanciering, meer liquide middelen aanhouden, voorraad afbouwen via acties) of verlaag de kortlopende schulden (kortlopende leningen aflossen, betaalafspraken oprekken, kortlopend overzetten naar langlopend). Het herfinancieren van een kortlopend krediet naar een langlopende lening — bijvoorbeeld via een investeringskrediet bij de Rabobank of ABN AMRO, eventueel met BMKB-borgstelling — is een van de snelste mechanische verbeteringen. Combineer dit met strakker debiteurenbeheer en realistische voorraadniveaus voor blijvend effect.