ADVERTISEMENT

Mobile Banner
320×100

Samengestelde Beleggingscalculator

Bereken hoe je beleggingen groeien in de loop der tijd met samengestelde rente en regelmatige inleg.

Formules voor Samengesteld Beleggen

Eindwaarde
Formule laden...
Samengestelde Rente
Formule laden...
Totale Winst
Formule laden...

Zo gebruik je deze samengestelde beleggingscalculator

  1. Vul je Initieel Bedrag (€) in — het bedrag dat je al hebt belegd. Gebruik 0 als je vanaf nul begint.
  2. Typ een Maandelijkse Inleg (€) — het bedrag dat je elke maand automatisch overmaakt naar je beleggingsrekening, bijvoorbeeld via een vaste opdracht. Zelfs € 50 per maand levert na 30 jaar of meer een fors bedrag op door het samengesteld effect.
  3. Stel een Verwacht Jaarlijks Rendement (%) in — gebruik een lange-termijngemiddelde dat past bij je portefeuille: ongeveer 7–8% voor een wereldwijde aandelen-ETF, 5% voor een 60/40 aandelen-obligaties mix, of 2–3% voor een spaarrekening of staatsobligatie (deze cijfers sluiten aan bij de aannames van DNB en AFM voor pensioenrendementen).
  4. Vul de Beleggingsperiode (jaren) in — hoe lang je het geld kunt missen. Door het samengesteld effect tellen 10 extra jaren vaak zwaarder dan 1% extra rendement per jaar.
  5. Klik op Bereken Groei om je prognose te zien: eindwaarde, totale inleg versus winst, en het effectief rendement op elke euro die je daadwerkelijk hebt ingelegd.

Voorbeelden

DCA wereldwijde ETF: € 0 + € 300/maand voor 30 jaar bij 7%

Een 30-jarige uit Utrecht opent een rekening bij een Nederlandse broker (bijvoorbeeld DEGIRO of BUX) en zet maandelijks € 300 in via dollar-cost averaging in een wereldwijde aandelen-ETF (zoals IWDA of VWCE). Verwachting: 7% nominaal jaarlijks rendement op lange termijn, in lijn met historische data over wereldwijde aandelen.

ResultaatEindwaarde ongeveer € 366.000. Totale inleg € 108.000 (€ 300 × 12 × 30). Beleggingswinst ongeveer € 258.000 — ruim het dubbele van de eigen inleg. Effectief rendement circa 239%.

De widget gebruikt maandelijkse samengestelde groei: i = 0,07 ÷ 12 = 0,005833 en N = 360 maanden. (1,005833)^360 ≈ 8,12, dus de annuïteitsfactor is (8,12 − 1) ÷ 0,005833 ≈ 1.221. Vermenigvuldigd met € 300 maandelijkse inleg komt dat neer op ongeveer € 366.000. De principal-component is hier nul — alle groei komt voort uit het samengesteld effect op de maandelijkse inleg. Let op: dit bedrag valt onder box 3 vermogensrendementsheffing zodra het je heffingsvrij vermogen overschrijdt (€ 57.000 per persoon in 2026).

Nederlandse staatsobligatie als deel van DSL-strategie: € 25.000 voor 20 jaar bij 3%

Een belegger uit Den Haag zet € 25.000 in Nederlandse staatsobligaties (DSL — Dutch State Loans, uitgegeven door het Agentschap van het Ministerie van Financiën) met een gemiddelde looptijd van 20 jaar. De effectieve rente op lange DSL’s schommelde de afgelopen jaren rond 2,5–3%. Geen aanvullende inleg, alleen herbelegging van couponrente.

ResultaatEindwaarde ongeveer € 45.500. Totale inleg € 25.000. Beleggingswinst ongeveer € 20.500. Effectief rendement circa 82%.

Zonder maandelijkse inleg reduceert de formule tot A = P(1 + r/n)^(nt) met P = 25.000, r = 0,03, n = 12, t = 20. (1,0025)^240 ≈ 1,8208, dus FV ≈ 25.000 × 1,8208 = € 45.500. Dit is een nominaal bedrag; bij een gemiddelde inflatie van 2% (DNB-doelstelling) komt de reële koopkracht over 20 jaar uit op ongeveer € 30.600. DSL’s gelden binnen de EU als laag-risico referentie, maar tellen ook mee in je box 3-vermogen.

Spaarrekening onder DGS: € 10.000 + € 200/maand voor 15 jaar bij 2%

Een 50-jarige uit Eindhoven kiest voor zekerheid en zet € 10.000 op een spaarrekening bij een Nederlandse bank die valt onder het Depositogarantiestelsel (DGS — dekking tot € 100.000 per persoon per bank, gegarandeerd door De Nederlandsche Bank). Daarnaast € 200 per maand automatische overboeking. Verwachte rente: 2% per jaar.

ResultaatEindwaarde ongeveer € 55.470. Totale inleg € 46.000 (€ 10.000 initieel + € 36.000 maandelijkse inleg). Beleggingswinst ongeveer € 9.470. Effectief rendement circa 21%.

Twee componenten worden opgeteld. Het initiële bedrag groeit naar 10.000 × (1,001667)^180 ≈ 10.000 × 1,3494 = € 13.494. De maandelijkse inleg groeit naar 200 × (1,3494 − 1) ÷ 0,001667 ≈ € 41.928. Samen circa € 55.470. Bij één bank blijft het saldo ruim onder de DGS-grens van € 100.000. Spaarrente is in box 3 belast via het fictief rendement; de Belastingdienst gebruikt sinds 2023 een gedifferentieerd fictief rendement waarbij banktegoeden lager worden belast dan beleggingen.

Hoe het werkt

De calculator combineert twee formules. Het beginsaldo groeit volgens samengestelde rente A = P(1 + r/n)^(nt), en de maandelijkse inleg groeit als een eindwaarde-annuïteit FV = PMT · ((1 + i)^N − 1) / i. De widget gebruikt overal maandelijkse samenstelling (n = 12), met i = r/12 en N = 12t, en telt vervolgens beide eindwaarden bij elkaar op. Totale Inleg is gelijk aan je initiële bedrag plus PMT × 12 × t, zodat de Beleggingswinst zuiver het samengesteld effect weergeeft.

Effectief Rendement wordt getoond als één cumulatief percentage: (FV ÷ Totale Inleg − 1) × 100. Dit is geen jaarlijks rendement — het is de totale vermenigvuldiger op elke euro die je daadwerkelijk hebt ingelegd. In het ETF-voorbeeld hierboven wordt € 108.000 inleg € 366.000, een cumulatief rendement van 239%. Het equivalente jaarrendement is ongeveer 7% (de ingevoerde waarde), maar de cumulatieve weergave maakt de kracht van samengesteld beleggen in één oogopslag zichtbaar.

Beleggingsrendement verschilt op twee manieren van spaarrente. Ten eerste wordt je inleg gespreid over vele maanden (dollar-cost averaging), wat het timingrisico spreidt maar het lange-termijngemiddelde niet verandert. Ten tweede is het rendement variabel, niet contractueel — de 7% die je invoert is een lange-termijngemiddelde, geen garantie. De AFM verplicht beleggingsondernemingen onder MiFID II om de mogelijke verliesscenario’s in productinformatie (KID) op te nemen; deze calculator vervangt die wettelijke risico-informatie niet.

De calculator geeft nominale bedragen, dus zonder inflatiecorrectie. Om naar reële koopkracht (huidige euro’s) om te rekenen, kun je een reële rendementsverwachting invoeren (nominaal rendement minus verwachte inflatie, bijvoorbeeld 7% − 2% = 5% reîl voor aandelen) of de eindwaarde achteraf delen door (1 + inflatie)^t. DNB hanteert een inflatiedoelstelling van 2% conform het ECB-mandaat; CBS publiceert maandelijks de feitelijke CPI.

Wanneer gebruik je deze calculator

  • Pensioenaanvulling naast AOW en tweede pijler. Gebruik de calculator om in te schatten hoeveel je zelf moet opbouwen om je AOW en pensioenfonds-uitkering aan te vullen. Reken bijvoorbeeld met een 5–7% nominaal rendement voor een gespreide aandelenportefeuille over 20–30 jaar. Voor jaarruimte/reserveringsruimte in een lijfrente, raadpleeg de Belastingdienst-tabellen.
  • Vergelijken van beleggingscategorieën. Voer dezelfde inleg uit met 7% (wereldwijde aandelen-ETF), 4% (gemengd fonds 60/40) en 2% (spaarrekening of DSL). Een horizon van 30 jaar laat vaak een verschil van 2–3× zien tussen aandelenzwaar en spaarzwaar — nuttig om te beoordelen of je risicoprofiel past bij je doel.
  • Sparen voor de studie of het eerste huis van je kind. Voor een kind dat nu wordt geboren en over 18 jaar gaat studeren of een huis koopt: vul je maandelijkse inleg in en reken met 5–6% verwacht rendement (een mix die richting de einddatum defensiever wordt). Zo voorkom je dat één slecht beursjaar vlak voor de einddatum je doel onderuit haalt.
  • FIRE-plan (Financial Independence, Retire Early). Nederlandse FIRE-volgers gebruiken deze calculator om te projecteren wanneer hun portefeuille 25× de geplande jaarlijkse uitgaven bereikt. Test meerdere rendementsaannames (4%, 6%, 8%) om een bandbreedte van optimistische en conservatieve uitkomsten te krijgen, en houd rekening met box 3 vermogensrendementsheffing in de opbouwfase.
  • DCA versus eenmalige inleg afwegen. Vergelijk € 0 initieel + € 1.000 maandelijks met € 120.000 initieel + € 0 maandelijks bij gelijk rendement en horizon. Een eenmalige inleg wint wiskundig vaker, maar DCA spreidt het timingrisico — een relevante afweging bij grotere bedragen, bijvoorbeeld na een erfenis of bonus.

Veelgemaakte fouten

  • FoutEen spaarrente gebruiken als ‘rendement’ in een beleggingscalculator.
    OplossingDeze calculator modelleert beleggingsgroei waarbij het rendement komt uit koerswinst en herbelegde dividenden, niet uit contractuele rente. Voor een beleggingsrekening of pensioenrekening gebruik je een lange-termijngemiddelde per beleggingscategorie (bijvoorbeeld 6–8% nominaal voor aandelen). Voor spaarrekeningen en deposito’s onder het DGS gebruik je beter de Samengestelde Rente Calculator, die uitgaat van een vast tarief.
  • FoutNominale eindbedragen presenteren als reële koopkracht.
    OplossingEen prognose van € 366.000 over 30 jaar is niet hetzelfde als € 366.000 vandaag. Bij 2% inflatie (DNB-doelstelling) heeft dat bedrag in 2056 de koopkracht van ongeveer € 202.000 nu. Voer een reîl rendement in (nominaal minus verwachte inflatie) of corrigeer de eindwaarde achteraf met (1 + inflatie)^t voordat je conclusies trekt.
  • FoutKosten van ETF’s of fondsen negeren — die werken net zo samengesteld, maar dan tegen je.
    OplossingEen lopende kostenfactor (OCF) van 0,5% verlaagt je effectieve rendement met 0,5 procentpunt. Op een prognose van € 500/maand, 30 jaar, 7% nominaal kost dat ongeveer € 50.000 aan eindwaarde. Lees altijd het Essentiële Informatiedocument (KID, verplicht onder PRIIPs) en trek de OCF af van je rendementsaanname. AFM bevestigt dat kosten een van de weinige variabelen zijn die de belegger zelf controleert.
  • FoutGeen rekening houden met box 3 vermogensrendementsheffing.
    OplossingIn Nederland wordt vermogen in box 3 belast op basis van een fictief rendement (sinds 2023 gedifferentieerd: lager voor spaargeld, hoger voor beleggingen). Het heffingsvrij vermogen in 2026 is € 57.000 per persoon (€ 114.000 voor fiscale partners). Op het meerdere wordt vermogensrendementsheffing geheven. Reken bij langetermijnplanning rekening met 1–1,5 procentpunt fiscale drag op het bruto rendement boven het heffingsvrij vermogen.
  • FoutStoppen met inleggen tijdens een beurscrash.
    OplossingDe grootste begunstigden van historische beerperiodes waren beleggers die door de daling heen bleven kopen. Wie in maart 2020 of oktober 2008 de automatische inleg stopzette, miste de scherpste herstelfase. Behandel de maandelijkse inleg in deze calculator als een toezegging, geen optie — zet een vaste automatische overboeking in vanaf de salarisrekening en pas die alleen aan bij significante levensgebeurtenissen.

Veelgestelde vragen

Wat is samengestelde rente eigenlijk?

Samengestelde rente (ook wel rente-op-rente) betekent dat je rendement zelf ook weer rendement gaat opleveren. In jaar 1 verdien je rente over je inleg; in jaar 2 verdien je rente over je inleg plus de rente van jaar 1; enzovoort. Bij lange horizonnen domineert dit effect: na 30 jaar bij 7% rendement is ruim 70% van de eindwaarde rente-op-rente, niet je eigen inleg. Albert Einstein zou samengestelde rente het ‘achtste wereldwonder’ hebben genoemd — anekdotisch, maar de wiskunde klopt.

Wat is het verschil met de Samengestelde Rente Calculator?

De Samengestelde Rente Calculator gaat uit van een vaste, contractuele rente (spaarrente, deposito, couponrente op een obligatie) en geeft precieze uitkomsten. Deze Samengestelde Beleggingscalculator modelleert een variabel rendement uit een beleggingsportefeuille (aandelen, ETF’s, fondsen), waarbij het ingevoerde tarief een lange-termijngemiddelde is, geen garantie. De rekenwijze is hetzelfde — de interpretatie verschilt. Gebruik deze calculator voor beleggingsprognoses en pensioenplanning, en de Samengestelde Rente Calculator voor spaarrekeningen en DSL’s.

Hoe werkt box 3 vermogensrendementsheffing in 2026?

De Belastingdienst belast vermogen boven het heffingsvrij vermogen (€ 57.000 per persoon, € 114.000 voor fiscale partners) in box 3 via een fictief rendement. Sinds 2023 geldt een gedifferentieerd stelsel: banktegoeden krijgen een lager fictief rendement (rond de werkelijke spaarrente), beleggingen een hoger fictief rendement (circa 6%), en schulden een aparte rente. Over het fictief rendement betaal je 36% belasting (tarief 2026). Een nieuw stelsel op basis van werkelijk rendement is aangekondigd voor 2027/2028; volg de actuele stand op belastingdienst.nl.

Tot welk bedrag is mijn spaargeld beschermd door het Depositogarantiestelsel?

Het Depositogarantiestelsel (DGS), uitgevoerd door De Nederlandsche Bank, garandeert tegoeden tot € 100.000 per persoon per bank. Voor en-of rekeningen geldt de grens per rekeninghouder. Boven € 100.000 spreid je het saldo bij voorkeur over meerdere banken met aparte vergunningen. Let op: het DGS dekt spaartegoeden en betaalrekeningen, niet beleggingen — voor beleggingsrekeningen geldt een aparte beleggerscompensatieregeling met een lagere limiet. Controleer altijd of je bank een Nederlandse vergunning heeft via dnb.nl.

Welk rendement is realistisch voor de Nederlandse particuliere belegger?

Stem de aanname af op je portefeuille. Voor een wereldwijde aandelen-ETF (zoals IWDA of VWCE) is een historisch nominaal rendement van 7–8% per jaar plausibel op lange termijn. Voor een 60/40 mix is 4–6% realistisch. DNB en AFM hanteren in pensioenscenario’s vergelijkbare lange-termijnaannames voor risicoprofielen. Vooruitkijkende capital market assumptions van bijvoorbeeld Vanguard liggen vaak 1–2 procentpunt lager dan het historische gemiddelde, mede door de huidige hogere waarderingen.

Wat zegt de regel van 72 over mijn belegging?

De regel van 72 is een snelle vuistregel: deel 72 door je rendement (in %) en je krijgt het aantal jaren waarin je geld verdubbelt. Bij 6% rendement verdubbelt je inleg in ongeveer 12 jaar (72 ÷ 6); bij 3% duurt het 24 jaar; bij 9% slechts 8 jaar. Bij hogere rendementen is de werkelijke periode iets korter dan de regel suggereert, bij lagere iets langer. Het is geen vervanging voor deze calculator, maar wel handig om snel het effect van rendementsverschillen te schatten.

Wat zijn ETF-kosten en hoe vind ik de OCF?

De Ongoing Charges Figure (OCF) is de totale jaarlijkse lopende kostenfactor van een ETF of beleggingsfonds, uitgedrukt als percentage van het belegde vermogen. Voor brede wereldwijde aandelen-ETF’s ligt de OCF doorgaans tussen 0,07% (zeer goedkoop, bijvoorbeeld Vanguard) en 0,30%. Actief beheerde fondsen rekenen vaak 1% of meer. De OCF staat verplicht in het Essentiële Informatiedocument (KID) onder PRIIPs-regelgeving en wordt door je broker getoond. Trek de OCF af van het verwachte bruto rendement voordat je deze calculator gebruikt.

Welke regels gelden voor beleggingsadvies in Nederland?

Onder MiFID II (Europese richtlijn, in Nederland uitgevoerd via de Wft) moeten beleggingsondernemingen geschiktheid en passendheid toetsen voordat ze advies geven of een complex product verkopen. De AFM houdt toezicht op naleving. Particuliere beleggers krijgen verplicht een KID met SRI-risicoscore (1–7), kosten en scenario’s. Deze calculator is een educatief hulpmiddel en valt niet onder MiFID II-advies — voor persoonlijk advies raadpleeg je een AFM-geregistreerde adviseur via afm.nl.

Wat is dollar-cost averaging (DCA)?

DCA is het op vaste momenten inleggen van een vast bedrag (bijvoorbeeld € 300 op de 1e van elke maand) ongeacht de beurskoers. Het Maandelijkse Inleg-veld in deze calculator modelleert DCA impliciet. Het voordeel is gedragsmatig — je hoeft de markt niet te timen — en je koopt meer ETF-stukken als de koers laag staat. Het nadeel: bij een eenmalig groot bedrag (bijvoorbeeld een erfenis) blijkt direct beleggen wiskundig vaker beter dan gespreid inleggen, omdat de markt op lange termijn vaker stijgt dan daalt.

Houdt de calculator rekening met sequence-of-returns risico?

Nee. De calculator gaat uit van een gelijkmatig, constant rendement per jaar. In werkelijkheid is de volgorde van rendementen in de uitkeringsfase belangrijk — een verlies van ‒30% vlak na pensionering kan de portefeuille permanent beïnvloeden — maar tijdens de opbouwfase telt het veel minder, omdat je dan juist door volatiliteit heen blijft kopen. Voor de 5 jaar vóór en ná je pensioendatum is een Monte Carlo-simulator nauwkeuriger dan deze constant-return aanpak.

Wat gebeurt er als ik na een aantal jaren stop met inleggen?

Reken twee keer. Bereken eerst de eindwaarde op het moment dat je stopt met inleggen. Voer die uitkomst vervolgens opnieuw in als initieel bedrag, met maandelijkse inleg op 0 en de resterende jaren. Voorbeeld: € 300/maand voor 10 jaar bij 7% → ongeveer € 52.000. Dat bedrag groeit daarna nog 20 jaar bij 7% → ongeveer € 201.000. De vroege inleg-decennia wegen door samengesteld effect zwaarder dan de gemiste latere jaren — vroeg beginnen is wiskundig waardevoller dan veel inleggen.

Waarom lijkt mijn effectief rendement zo hoog?

Effectief Rendement wordt getoond als cumulatieve vermenigvuldiger op de ingelegde euro’s (FV ÷ Totale Inleg − 1), niet als jaarrendement. Over 30–40 jaar levert een gemiddeld jaarrendement van 7% al snel een 4–8× vermenigvuldiging op, wat als 300–700% cumulatief verschijnt. Voor het equivalente jaarrendement geldt (FV ÷ Totale Inleg)^(1/t) − 1, maar die formule is alleen exact bij een eenmalige inleg, niet bij maandelijkse stromen waarbij elke euro een andere looptijd heeft.

Bronnen

Methodologie

Deze calculator projecteert beleggingsgroei door de eindwaarde van een initiële inleg te combineren met de eindwaarde van een maandelijkse inleg-annuïteit. De initiële component gebruikt A = P(1 + r/n)^(nt) en de inleg-component gebruikt FV = PMT · ((1 + i)^N − 1) / i, beide met n = 12 (maandelijkse samenstelling), i = r/12 en N = 12t. Totale Inleg wordt berekend als P + (PMT × 12 × t); Beleggingswinst is FV − Totale Inleg; Effectief Rendement is de cumulatieve vermenigvuldiger (FV ÷ Totale Inleg − 1) × 100. Inleg wordt behandeld als einde-maand (gewone annuïteit). Uitkomsten zijn nominaal — om naar reële koopkracht om te rekenen, trek je de verwachte inflatie (DNB-doel 2%) van het ingevoerde rendement af of corrigeer je de eindwaarde achteraf met (1 + inflatie)^t. De calculator houdt geen rekening met box 3 vermogensrendementsheffing, ETF-kosten (OCF) of transactiekosten; trek deze handmatig af van het verwachte bruto rendement. Deze tool is educatief en vormt geen beleggingsadvies onder MiFID II.

Handige Tips

  • Sla deze calculator op als bladwijzer voor snelle toegang
  • Gebruik de deelknop om je resultaten te versturen
  • Probeer verschillende scenario's om resultaten te vergelijken
  • Bekijk onze gerelateerde calculators voor meer informatie

Vind je deze calculator handig? Deel hem:

Sluit deze calculator in