Bruto-naar-netto en de loonstrook in Nederland
Een Nederlandse loonstrook splitst je beloning in brutoloon, ingehouden loonheffing en netto-uitkering. Het brutosalaris is wat je werkgever bij het CAO-tarief aanbiedt; daarvan trekt de werkgever loonheffing (loonbelasting + premies volksverzekeringen), de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw en eventuele pensioen- en WW-premies af. Wat overblijft is je netto maandloon dat op je rekening verschijnt.
De Belastingdienst publiceert ieder jaar twee schijven met daarbij de heffingskortingen (algemene heffingskorting en arbeidskorting) die het netto verhogen. Voor een redelijk bruto-netto-overzicht reken je in deze calculator met je brutomaand of brutojaar; voor de exacte netto-uitkering gebruik je daarna een aparte bruto-netto-calculator of de proefberekening van de Belastingdienst.
Jaarsalaris met vakantiegeld en 13e maand
Bij de meeste Nederlandse CAO's geldt een vakantiegeldverplichting van minimaal 8% van het brutojaarloon, uitbetaald in mei of juni. Een brutomaandsalaris van EUR 3.000 betekent dus 12 × EUR 3.000 + 8% = EUR 38.880 bruto per jaar, niet EUR 36.000. Het is gebruikelijk om jaarsalaris en maandsalaris uit te wisselen met de vermelding 'exclusief vakantiegeld' of 'inclusief vakantiegeld' om verwarring te voorkomen.
Een aantal sectoren (overheid, zorg, banken, retail) kent daarnaast een 13e maand of eindejaarsuitkering. Een volledige 13e maand telt op tot 13 maandsalarissen × 1,08 vakantiegeld. Een eindejaarsuitkering is vaak een vast percentage (5-8,33%) van het jaarloon. Reken altijd uit welke uitkering in het brutojaarsalaris is meegenomen voordat je vacatures vergelijkt.
Voltijd, deeltijd en FTE
De standaard Nederlandse werkweek is 36, 38 of 40 uur, afhankelijk van de CAO. 36 uur geldt onder andere voor de cao Rijk, de zorg en het onderwijs; 38 uur is gangbaar in industrie en zakelijke dienstverlening; 40 uur komt voor in bouw, transport en techniek. Bij een 40-urige fulltime werkweek hoort 1 FTE; iemand die 32 uur werkt heeft dan 0,80 FTE.
Voor parttimers reken je een fulltime-equivalent uit door de uren per week te delen door de fulltime norm. Een vacaturetekst met 'EUR 45.000 op fulltime basis' betekent voor een 32-uurs aanstelling EUR 45.000 × (32/40) = EUR 36.000 brutojaarsalaris. Pas Uren per Week in de calculator aan op je werkelijke contracturen om realistische bedragen te zien.
Modaal inkomen en de CBS-statistieken
Het Centraal Planbureau (CPB) hanteert 'modaal inkomen' als referentiepunt: het brutoloon dat het meest voorkomt onder werknemers. Het CBS publiceert daarnaast de mediaan en het gemiddelde brutojaarinkomen per branche. Voor 2025 ligt modaal rond EUR 44.000 bruto per jaar inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering -- raadpleeg cbs.nl voor het actuele cijfer.
Met deze calculator vergelijk je een vacaturesalaris direct met modaal of met het sectorgemiddelde. Reken bijvoorbeeld een brutomaand van EUR 3.500 om naar jaarsalaris (12 × EUR 3.500 + 8% = EUR 45.360) en zet dat naast de CBS-cijfers voor jouw branche.
Uurloon afleiden uit een CAO-schaal
CAO-schalen geven een brutomaandsalaris bij een fulltime werkweek. Om het bruto-uurloon te berekenen deelt de loonadministratie het maandsalaris door de norm-uren per maand. Bij een 40-urige week is dat circa 173,33 uur (40 × 52 ÷ 12); bij een 36-urige week 156 uur. Een brutomaand van EUR 3.500 bij 40 uur per week komt zo neer op EUR 20,19 per uur; bij 36 uur per week op EUR 22,44 per uur.
Voor parttime contracten met flexibele inzet (bijvoorbeeld retail, horeca, zorgmedewerkers en oproepkrachten) is het zinvol om altijd het uurloon te kennen. Bij oproepwerk geldt minimaal het wettelijk minimumuurloon zoals het ministerie van SZW publiceert via uwv.nl en Loonwijzer.nl.
Brutosalaris omrekenen naar werkelijke kosten
Naast brutoloon en vakantiegeld dragen werkgevers ook werkgeverslasten af: pensioenpremie (typisch 15-25% van het pensioengevend loon), WW-premie, WIA-premie en de werkgeversbijdrage Zvw. De totale werkgeverskosten liggen daardoor ruwweg 25-35% boven het brutosalaris. Dit is relevant als je freelance gaat: een ZZP'er moet zijn uurtarief zo bepalen dat alle werkgeverslasten, vakantiedagen en pensioen uit de eigen omzet betaald worden.
De vuistregel voor een ZZP-uurtarief op basis van een gewenst brutojaarsalaris (inclusief vakantiegeld) is: jaarsalaris × 1,4 (voor lasten en verzekeringen) ÷ jaarlijkse declarabele uren (vaak 1.200-1.500, niet 1.880). Een gewenst brutoloon van EUR 50.000 wordt dan een uurtarief van EUR 50.000 × 1,4 ÷ 1.400 = EUR 50 per uur.